Duo in woord

Karin Raeymaeckers

kandidaat rector

Karin Raeymaeckers  is sinds 2012 hoogleraar aan de faculteit Politieke en Sociale Wetenschappen, vakgroep Communicatiewetenschappen. Haar expertise ligt op het domein van journalism studies en op mediastructuren. Tussen 2008 en 2014 was ze academisch secretaris. Vanaf 2014 is ze lid van de Raad van Bestuur voor de faculteit en sinds oktober 2015 is ze ook voorzitter van de vakgroep Communicatiewetenschappen. Karin Raeymaeckers is lid van de internationale Euromedia Research Group en is ook editor van het Sage tijdschrift ‘European Journal of Communication’.

Ze zet zich in voor kwalitatief sterk onderwijs en wil vooral een laagdrempelige relatie met de studenten. Binnen de vakgroep streeft ze naar een sterke teamgeest. Ze wil absoluut vermijden dat de onderzoeksgroepen geïsoleerde eilandjes zijn.

Patrick De Baets

kandidaat vicerector

Patrick De Baets  is burgerlijk-werktuigkundig ingenieur en hoogleraar aan de Faculteit Ingenieurswetenschappen en Architectuur. Hij is bovendien gastprofessor aan de St. Istvan Egeytem (Gödöllö, Hongarije) en de Kungliga Tekniska Högskolan (KTH, Stockholm, Zweden).

Momenteel is hij coördinator van het Laboratorium Soete, een onderzoeksgroep met bedrijfscontacten wereldwijd.

Binnen de UGent heeft Patrick tal van dienstverlenende administratieve functies op zich genomen (waaronder 11 jaar lid van Onderzoeksraad, 10 jaar lid van IOF-raad, 6 jaar vakgroepvoorzitter, sinds 2013 academisch secretaris en sinds 2014 ook lid van de Raad van Bestuur). Bovendien is hij actief in een aantal bestuursraden en wetenschappelijke comités niet verbonden aan de UGent.

7-puntenprogramma

Een breed gedragen UGent

Wij willen de rijkdom aan expertise binnen de UGent laten kristalliseren tot een coherente en consequente visie op onderwijs en onderzoek. Een inclusief beleid met ruime input van de brede basis is de echte sterkte van UGent.

Studenten, onze toekomst

Wij zijn er voor de studenten en niet andersom. Daarom moeten we hen toponderwijs aanbieden, naar hen luisteren, inspraak ondersteunen, hen aanmoedigen en begeleiden. Geen enkel talent mag verloren gaan.

Investeren in onderzoek

De UGent moet aan de top staan van onderzoek en innovatie, ook in risicovol onderzoek of in disciplines die wat minder populair zijn. Toponderzoek en toponderwijs gaan immers hand in hand.

Kansen geven

De UGent is er voor de studenten en alle medewerkers: voor het administratief en technisch personeel, voor onderzoekers, assistenten, professoren én alle UZ-medewerkers. Wij investeren in doorstroomsystemen die een win-win betekenen voor alle partijen.

De UGent en de stad Gent: een gouden combinatie

Onze universiteit is onafscheidelijk verbonden met de stad Gent: een historische, bruisende en toekomstgerichte stad. Zo is De Krook een uniek uitstalraam voor samenwerking en valorisatie van UGent-onderzoek.

De UGent op de wereldkaart

Onze universiteit staat sterk in Vlaanderen en behoort tot de beste universiteiten van de wereld. Daar zijn we trots op en we durven mikken op nog beter. We mogen gerust wat minder bescheiden zijn in onze partnerships en de rol die we daar in opnemen.

De UGent is van iedereen

Politieke, filosofische of religieuze overtuiging, leeftijd, geaardheid, nationaliteit, taal, financiële draagkracht… doen er allemaal niet toe en zijn net een meerwaarde. Iedereen is welkom met zijn/haar unieke talenten en mogelijkheden.

⇩ direct naar 'DUO IN BEELD'

Visie

Samen consequent voor een sterke UGent

Durf platgetreden paden verlaten

De universiteit, en het hoger onderwijs meer in het algemeen, zit verankerd in een snel veranderende wereld die steeds globaler, complexer en minder transparant wordt. Flexibel georganiseerde kennisinstellingen zijn meer dan ooit nodig om een gepast antwoord te bieden op steeds nieuwe uitdagingen. Top-down institutionele beheerssystemen zijn voor deze instellingen hinderlijk. Ze zijn te log om snel in te spelen op nieuwe uitdagingen en laten te vaak potentieel onbenut, waardoor de instelling aan slagkracht en impact kan verliezen.

De recente discussies over een uitbreiding van de top van het universiteitsbestuur met een systeem van meerdere vice-rectoren vinden wij voorbarig. Evenzo de discussie over een ingekrompen Raad van Bestuur. Onze ervaring binnen de Raad van Bestuur leert ons dat elke geleding bekwame mensen afvaardigt, die met hun visie, standpunten en expertise het bestuursproces verrijken. De top hervormen is dus niet onze eerste prioriteit. Wat wél moet, is de basis meer armslag geven en allerlei grenzen tussen personeelsgeledingen, faculteiten en directies opheffen. Met respect en overleg bouwen we aan structuren die werktevredenheid en betrokkenheid verhogen.

Erg belangrijk in al deze processen is de integratie van het UZ in de UGent die door de regering is opgelegd. Wat ogenschijnlijk niet veel meer lijkt dan een louter administratiefrechtelijke operatie, is in werkelijkheid veel ingrijpender. Mogelijke onrust die hieruit op het terrein zou kunnen voortvloeien, moet worden weggewerkt door in alle openheid en vertrouwen de specificiteit van het ziekenhuis te erkennen en samen met het UGent-bestuur de ambitieuze plannen voor de uitbouw van een duurzame Health Campus te realiseren.

Nieuwe technologie brengt substantiële veranderingen met zich mee voor de universiteit. De digitalisering van de onderzoeks- en onderwijsmiddelen is nu al voelbaar en biedt zeker een aantal voordelen zoals eenvoudiger/efficiëntere gegevensuitwisseling, vlottere samenwerking, meer flexibiliteit voor de studenten dankzij digitale opname van lessen, …

Technologische ontwikkelingen bieden daarenboven ook de mogelijkheid om zich toe te leggen op een andere soort intellectuele creativiteit die ligt in het dieper doordenken en het verbinden van expertisegebieden over faculteitsgrenzen heen. Denk maar aan Big Data en Artificiële Intelligentie die machines de capaciteit geven om geavanceerde gegevensanalyses en denkprocessen uit te voeren. Een mooie realisatie in dit verband is de Krook, waar onderzoekers uit verschillende faculteiten samen werken en samenwerken, en innovatieve resultaten kunnen tonen aan het publiek.

De toename van data-uitwisseling mag echter niet leiden tot een verdere opeenstapeling van de ‘meten is weten’-overlast. We willen wel degelijk het voortouw nemen omtrent innovatie in kwaliteitszorg, maar er is vooral ook reflectie nodig. We ambiëren een mentaliteit waarin kwaliteit en efficiëntie ter harte worden genomen.

 

We hebben iedereen nodig

De UGent heeft geen behoefte aan nog meer managementfuncties. Binnen de UGent-gemeenschap is er een overvloed aan expertise en initiatief beschikbaar. Dáár moeten we op inzetten. Vandaag al wordt de brede basis van de universiteit via een veelheid aan raden en commissies bij de beleidsvoering betrokken, doch niet altijd met het verhoopte resultaat. Daarom is het noodzakelijk alternatieve, meer dynamische organisatiemodellen te bekijken die flexibeler en sneller kunnen inspelen op uitdagingen en opportuniteiten. Zo zouden spontane denktanks, discussiefora, webinars en chatsessies bij medewerkers en studenten ongetwijfeld interesse en engagement kunnen creëren voor intern management en universitaire democratie.

Goed management betekent niet alleen strategische beslissingen nemen, maar ze ook snel en correct communiceren en implementeren. Management betekent vooral met mensen samenwerken: ermee communiceren, ze motiveren en inspireren. We moeten af van het hokjesdenken met geledingen in aparte overlegclusters.

Wij geloven bovendien ook in een versterking van de alumniwerking. Wij maken nog te weinig gebruik van de mogelijkheden die alumni bieden om ambassadeurs te zijn van onze universiteit en van de opleiding die ze er genoten. Onze alumni kunnen vele poorten openen naar de bredere samenleving, naar het bedrijfsleven en de werkomgeving, maar ook naar toekomstige studenten.

De universiteit spreekt ook nog te weinig vrijwillige medewerkers, oud-medewerkers of gepensioneerden aan. Buitenlandse instellingen verwelkomen deze mensen dankbaar voor een breed scala van activiteiten zoals lezingen, geleide bezoeken, het openhouden van een bibliotheek, begeleiding van studenten en zo veel meer.

Tot slot kunnen we ook denken aan initiatieven om onze studenten uit te sturen naar hun vroegere middelbare schoolomgeving, om buddy te zijn voor een instromer of een anderstalige student …

We nodigen iedereen graag uit rond de tafel, om in een creatieve sfeer ideeën te lanceren.

 

Financiële haalbaarheid

Onderzoek en daarop geënt kwalitatief onderwijs kosten handenvol geld, en het prijskaartje blijft alsmaar stijgen. De loonlasten wegen daarbij zwaar door, maar ook de kosten voor infrastructuur, digitale ondersteuning en dataopslag zijn aanzienlijk. Het ogenschijnlijk goedkopere ‘digitaal’ onderwijs kost veel tijd en geld zowel voor ontwikkeling als het up-to-date houden van lesmateriaal.

Onderwijs en onderzoek zijn niet enkel zaak van professoren, ook de steun van alle onderzoekers (AAP en WP) is levensnoodzakelijk en de inzet van het administratief en technisch personeel is zeer nodig om de hele machine geolied te laten draaien. Daarom moet er zeker over gewaakt worden dat mogelijks noodzakelijke besparingen niet per definitie of uitsluitend de groepen treffen die het eerst in de P-punten strategie naar voor komen zoals AAP en contractueel ATP. Meer nog, een goed doordacht tijdelijk ‘middenkader’ (doorstroomkader) voor deze medewerkers kan zowel een win-win situatie opleveren voor henzelf (verhogen van arbeidskansen) als voor UGent (behoud en doorgeven van expertise).

In de Vlaamse overheidsbegroting is onderwijs terecht de grootste post. Samen met onze zusteruniversiteiten moeten we de regering nog meer overtuigen van het maatschappelijk en economisch belang van academisch onderwijs, onderzoek en dienstverlening.

Maar we moeten realistisch zijn: iedereen vraagt om meer middelen. Het is dan ook van het grootste belang dat we actief blijven inzetten op het aanboren van andere financieringsbronnen die het eigen vermogen van de universiteit verstevigen, zonder evenwel de academische onafhankelijkheid van de universiteit in het gedrang te brengen.

De UGent verwerft behoorlijk wat middelen op competitieve basis uit de tweede en derde geldstroom. Onderzoekers dienen bij de Vlaamse of federale overheid (FWO, VLAIO, BOF, BelSpo) zeer degelijke voorstellen in. Maar een echte groei van deze financiering kan alleen worden verwezenlijkt door een verhoging van de totale enveloppe, wat - zoals gezegd - niet eenvoudig ligt. Andere financieringsbronnen laten wel nog wat groei toe. De mogelijkheden van Europese financiering bijvoorbeeld, worden nog niet in alle vakgebieden even goed benut. Centraal geleide projecten rond multidisciplinaire en beleidsgerichte thema’s bieden ook groeikansen. Vervolgens moeten we - in het licht van de heroplevende economie - nog meer samenwerkingsverbanden opzetten met de bedrijfswereld. De administratieve en juridische rompslomp bij het opmaken van contracten en samenwerkingsovereenkomsten mag geen hindernis vormen om nieuwe samenwerking uit te bouwen.

Ook voor andere valorisatievormen moeten we oog hebben. De door IOF gesteunde initiatieven op het vlak van spin-off bedrijven, octrooien en licenties verdienen nog meer aandacht. Betere samenwerking met de hogescholen biedt eveneens mogelijkheden.

Ook een versterking van de alumniwerking opent perspectieven. Benefietbijeenkomsten, crowd funding, schenkingen en legaten bieden mogelijkheden die tot vandaag onvoldoende verzilverd worden.

Betaalbaarheid van onderwijs is voor ons héél belangrijk. Dat aankomende studenten de universiteit de rug toekeren uit vrees voor te hoge kosten, is onaanvaardbaar. We moeten ook vermijden dat ze de universiteit beschouwen als een elitaire instelling. We willen daarom de dienst studieadvies versterken met een team dat inzet op advies op maat en dat denkpatroon doorbreekt. We kunnen immers niet toestaan dat welk talent dan ook verloren gaat.

 

Anders leren

De UGent heeft een duidelijke visie op onderwijs waarbij actief participeren, probleemoplossend denken, coöperatief en interactief leren centraal staan.

Naast het ontwikkelen van een analytische geest, moeten studenten ook tal van vaardigheden verwerven en moeten ze gevormd worden tot professionals. De component vorming vereist voor alle studenten (incl. doctoraatsniveau) coaching, confrontatie van ideeën en uitwisselen van ervaringen. Hiervoor is contactonderwijs onontbeerlijk. Studenten moeten theoretische kennis kunnen vertalen naar de realiteit. Praktische opdrachten, multidisciplinaire projecten, laboratoriumwerk, kliniek, ontwerpen, stages, schrijfopdrachten en dergelijke blijven dan ook een belangrijk onderdeel van het universitaire curriculum.

Dat digitaal leren een plaats heeft in het onderwijs, is evident. We zien digitale onderwijstechnologie als een kans voor democratisering en internationalisering. Ze verhoogt toegankelijkheid, flexibiliteit en mogelijkheden tot gepersonaliseerd onderwijs. Zelftests en -remediëring geven studenten een beter zicht op vereiste voorkennis, niveau en bereikt leereffect zodat slaagkansen verbeteren en verkeerde keuzes vermeden kunnen worden.

Maar niet alle innovatie is per definitie zaligmakend. Zo blijft een goed doordachte case benadering essentieel om de zin of onzin van een nieuwe onderwijsaanpak te begrijpen en een aangepaste leeromgeving met de juiste werk- en evaluatienormen op te zetten. Het is belangrijk de betrokken medewerkers en studenten bij dergelijke projecten te stimuleren, te steunen en te luisteren naar hun ervaringen.

Gelukkig bestaat er ook iets als Blended Learning dat de voordelen van traditioneel contactonderwijs combineert met digitaal leren.

Tot slot willen we een lans breken voor het levenslang leren dat ongetwijfeld nog aan belang zal winnen: universiteiten moeten dit goed gestructureerd aanbieden en niet ad hoc zoals vandaag.

 

Globalisering en internationalisering

In onze geglobaliseerde wereld is internationalisering een evidentie.

In het kader daarvan zijn de belangrijkste beleidsdoelstellingen: via netwerken toegang krijgen en verlenen tot specifieke expertise en infrastructuur, uitbouwen van internationale samenwerking en bevorderen van ontwikkelingssamenwerking. Wij willen internationalisering gebruiken om de persoonlijke ontwikkeling van onze studenten, academisch personeel en andere medewerkers te stimuleren; toponderzoekers aantrekken, onze eigen studenten uitsturen en buitenlandse studenten ontvangen.

Veel netwerken worden geïnitieerd vanuit onderzoeks- en onderwijsactiviteiten. Dergelijke individuele initiatieven blijven we steunen. Ze zijn waardevol op zich en kunnen worden gebruikt als hefboom naar een meer structurele samenwerking op instellingsniveau.

Netwerken kunnen ook ontstaan uit bestuurlijke en thematische overwegingen, of zelfs op basis van toevallige opportuniteiten. Zo zou men bijvoorbeeld kunnen denken aan een netwerk van havenstaduniversiteiten.

Om onze internationale top 100-positie verder te versterken moeten we strategische allianties maken met andere topuniversiteiten en universiteiten die het potentieel hebben om de top te bereiken. We moeten zelf initiatief nemen, de juiste contacten leggen en een goede marketing voeren.

We staan open voor elk initiatief als de meerwaarde kan worden aangetoond, en voorzien daarvoor correcte juridisch-administratieve ondersteuning.

 

Diversiteit

Diversiteit gaat over sociale achtergrond, etniciteit en nationaliteit, cultuur, onderwijsniveau, opvoeding, etc. en slaat zowel op medewerkers, onderzoekers, professoren als op studenten. Durvers, denkers, dromers, empathische mensen, humoristen en mensen die kunnen relativeren: we hebben ze allemaal nodig. Kortom: de UGent omarmt diversiteit in al haar vormen.

De UGent is zich op het vlak van diversiteit bewust van valkuilen zoals daar zijn: zich teveel vastklampen aan de eigen ‘oude’ waarden. Een universiteit moet zich open en objectief openstellen voor alle waarden.

Waarde hechten aan diversiteit betekent ook erkennen dat niet iedereen kan excelleren op alle gebieden. Onderzoek, onderwijs en dienstverlening zijn weliswaar de 3 kerntaken voor ieder ZAP-lid, maar diversificatie bij de invulling van die taken dient absoluut gerespecteerd.

Wij willen diversiteit ook structureel ondersteunen door ervoor te zorgen dat meer mensen de kans krijgen om deel te nemen aan het beleid. We vaardigen jonge mensen af in (externe) raden en commissies, ondersteunen ze en trachten te vermijden dat vertegenwoordigers jarenlang hetzelfde zitje bezetten. Daarom willen we (beleids)mandaten beperken tot maximum twee opeenvolgende termijnen.

Het omarmen van diversiteit betekent natuurlijk ook oog hebben voor de genderproblematiek. De jongste jaren werden op dat vlak nogal wat obstakels overwonnen. In de praktijk zijn er echter nog steeds vooroordelen en reflexmatige vormen van onderscheid. Ons beleid richt zich op verdere bewustmaking, networking en mentoring, liefst met actieve participatie van de studenten. Het spreekt voor zich dat we op het vlak van gender geen enkele vorm van ongewenst gedrag tolereren!

 
Conclusie

Wij onderschrijven onverkort de missieverklaring van de UGent om zich als maatschappelijk geëngageerde en pluralistische universiteit te profileren in een breed internationaal perspectief. Wij werken aan de kritische vorming van studenten door middel van kwalitatief hoogstaande, door onderzoek ondersteunde opleidingen. Onze visie steunt het streven van de UGent naar de economisch-maatschappelijke toepassing van haar onderzoeksresultaten die de vrucht zijn van fundamenteel en ongebonden wetenschappelijk onderzoek in alle faculteiten. Dat daarvoor de participatie van studenten, personeel en maatschappelijke vertegenwoordigers in de bestuursstructuren onmisbaar is, lijdt voor ons niet de minste twijfel. Wij willen consequent en met groot enthousiasme voor dit unieke project gaan!

 

Karin Raeymaeckers, kandidaat rector

Patrick De Baets, kandidaat vicerector

Duo in de media

21 augustus 2017